Maurice de Hond zegt me niets… Voor je het weet zit je in een zelfrijdende auto

Maurice de Hond zegt me niets… Voor je het weet zit je in een zelfrijdende auto

Soms heb je echt helemaal niets aan marktonderzoek, zeg ik als marketeer. Soms moet je enquetes echt met een flinke korrel zout nemen. Soms moet je met gezond verstand naar futuristische techniek kijken.

Driekwart van de Nederlanders wil geen zelfrijdende auto, zegt Maurice de Hond. Hij deed onderzoek op verzoek van Vincent Everts.

75 procent van de ondervraagde Nederlanders ziet het dus niet zitten om binnenkort in een auto te stappen die door een computer wordt bestuurd…

Diezelfde mensen stappen zonder bezwaar in vliegtuigen die door automatische piloten door een overvol luchtruim worden gestuurd…

Als piloot weet ik dat er inmiddels ultralight vliegtuigen zijn met autopilot-techniek. Je kunt nu al zelfbouwpakketten bestellen om zo’n systeem zelf in een ultralight vliegtuig te bouwen. Dat mag officieel niet, maar het gebeurt al wel. Ik ben vorig jaar al eens meegevlogen met zo’n toestel. Indrukwekkend.

Die enquete van Maurice de Hond zegt me niets. Mensen die denken dat die zelfrijdende auto er niet komt omdat de meerderheid van het publiek tegen is houden zichzelf voor de gek.

Technologische ontwikkelingen laten zich niet stoppen door enquetes. Die zelfrijdende auto is binnenkort niet meer weg te denken uit onze samenleving.

Nog niet zo lang geleden kon niemand zich voorstellen dat het heel normaal zou worden dat vrijwel iedereen een smartphone op zak zou hebben waarmee je overal bereikbaar bent. Overal ter wereld via beeld en geluid met elkaar in contact komen en tv kijken. Nergens voor nodig? We konden toch gewoon een brief schrijven?

Frans Bromet maakte in 1998 een reportage over de opkomst van mobiele telefonie. Wie de reportage van toen met de kennis van nu terugkijkt snapt werkelijk niet waarom niemand in 1998 in de gaten had dat de smartphone in 2017 niet meer weg te denken zou zijn.

In 1987 liep ik stage op de redactie van de Winschoter Courant in Winschoten. Samen met journalist Jan Schepers hield ik een telefonische enquete onder de Winschoter bevolking over kabeltelevisie.

Iedereeen keek in die tijd nog via een antenne op het dak naar twee Nederlandse tv-zenders en drie Duitse zenders. Kabeltelevisie zou het aanbod enorm vergroten. Wij vroegen aan de Winschoters of zij zouden overstappen op kabeltelevisie.

“Kabeltelevisie? Wat is dat?”, was de wedervraag van de mensen die we belden.

De tweede wedervraag die we kregen was:”Wat kost dat?”

Ik weet de prijs niet meer. Maar laat het zo’n tien gulden per maand geweest zijn. Het antwoord van de Winschoters was in elk geval duidelijk. Kabeltelevisie was te duur en niet nodig. Met een antenne op het dak kon je ook prima tv kijken.

Dertig jaar later kijkt heel Nederland kabeltelevisie. Winschoten ook. We betalen voor diverse zenders. We stappen massaal over naar online filmkanalen als Netflix en betalen daar zonder problemen zo’n tien Euro per maand voor.

Die online videokanalen zorgen nu in de buitengebieden in de gemeente Oldambt, waar Winschoten onderdeel van uitmaakt, voor problemen. De mensen willen graag Netflix en Uitzending Gemist kijken, maar het kan niet. De internetsnelheid is te laag. Nu is er een comité bezig om er voor te zorgen dat de hele gemeente Oldambt glasvezel krijgt.

Die enquetes over de toekomstverwachtingen van het publiek zeggen mij dus helemaal niets. Mensen weten niet of ze iets willen als ze er nog geen ervaring mee hebben.

In plaats van naar enquetes kun je beter naar sciencefiction films kijjken. De gadgets die daarin worden gepresenteerd worden later vaak realiteit. Roger Moore had als James Bond de beschikking over een horloge waarmee hij kon bellen. We hebben inmiddels de Apple Watch.

Robo Cop. De grote doorbraak van Paul Verhoeven als regiseur. Een zwaar gewonde agent wordt ‘gered’ met nieuwe futuristische techniek en wordt half robot, half mens. Destijds fantasie. Inmiddels bouwen 3D-printers proteses en komen de eerste robots op de markt die echt kunnen wat Robocop in 1987 enkel en alleen dankzij filmtechniek kon.

Ik voorspel dat we over dertig jaar ons niet meer kunnen indenken dat er ooit mensen waren die zelf een auto bestuurden. Levensgevaarlijk! De automatisch rijdende auto’s worden veel veiliger en brengen veel meer gemak. En het gaat zeker geen dertig jaar meer duren voor we automatisch gaan rijden. Binnen tien jaar is de techniek heel gangbaar. Tesla bewijst het nu al. Alle autofabrikanten zijn er mee bezig. En daarnaast alle grote automatiseringsbedrijven als Google, Apple en Uber uit Silicon Valley.

De kosten? Die zullen meevallen. We gaan alleen nog voor het gebruik van de auto betalen. Niet meer voor het wegroesten van een eigen auto die meer stilstaat dan rijdt.

Ik zet vraagtekens bij enquetes. Maurice de Hond zit er heel vaak naast.

Als je wilt weten hoe de toekomst er uit ziet kun je beter naar tekenfilms als The Jetsons gaan kijken. In de jaren zestig toonde deze cartoon al flatscreen-tv’s met Skype, een foodprinter en vliegende auto’s. En die auto’s komen er nu ook aan. In Dubai vliegen inmiddels de eerste dronetaxi’s.

Ik ben gek op futuristische ontwikkelingen. Maar ik maak me ook zorgen. Niet iedereen heeft goede bedoelingen met nieuwe techniek. Amazon wil met drones pakketjes gaan bezorgen. Holthausen uit Hoogezand werkt mee aan een drone die dankzij waterstof grote afstanden kan overbruggen, waardoor er bijvoorbeeld snel medicijnen mee afgeleverd kunnen worden op de Waddeneilanden.

Ondertussen experimenteren Russen met drones waarmee je op afstand slachtpartijen kunt aanrichten. Je moet er niet aandenken dat terroristen deze techniek in handen krijgen.

Pizza Bianca met gorgonzola en peer. De basis voor 2018

Pizza Bianca met gorgonzola en peer. De basis voor 2018

“Gorgonzola? Nee, dat lust ik niet”, zegt Astrid. Ze trekt er een vies gezicht bij. “Je moet het zelf weten. Ik neem iets anders.”

We zitten op het terras van Divina Italia el Charco. Een modern ogend Italiaans restaurant aan een idylisch haventje langs de Avenue Caesar Manrique in Arrecife, de hoofdstad van het Spaanse eiland Lanzarote.

In het glinsterende heldere zeewater spartelen een paar scholen sardienen aan de oppervlakte tussen de vele bont gekleurde kleine bootjes.

Eind december, iets voor achten. Het begint iets koeler te worden, maar de jas hoeft nog niet aan.

We verblijven inmiddels een paar dagen op Lanzarote en willen wel eens iets anders eten dan de Spaanse tapas die hier bij bijna ieder restaurant op het menu staan.

”Nemen we een voorgerecht?”, vraag ik.

“Ja, ik heb honger”, zegt Astrid.

Acht uur ‘s avonds, Canarische tijd. Dat is 21.00 uur, Nederlandse tijd. Het wordt inderdaad tijd dat we iets eten. Alhoewel de meeste Spanjaarden pas na 22.00 uur eten gaan. Zij hebben echter een ander bioritme.

Ik bestel een plankje bruschetta. Altijd lekker.

Ik laat me graag verrassen in restaurants. Als je altijd voor zekerheid gaat zul je jezelf nooit ontwikkelen.

Neem ik een pasta of een pizza?

Op de menukaart ontdek ik onderaan een opvallende pizza.

Pizza Bianca met gorgonzola, peer, honing, balsamico en walnoten. Zonder tomaat, staat er nadrukkelijk bij.

Deze pizza heb ik in Nederland, Duitsland en Italië nog nooit op een menukaart gezien.

Ik ben gek op de aparte smaak van gorgonzola. Astrid gruwt er van.

Gorgonzola en mozarella met peer, walnoten en honing? Dat is een opvallende rare combinatie. Ik ben nieuwsgierig en bestel de pizza.

Astrid gaat op safe en neemt een lekkere salade.

De pizza Bianca ziet er in vergelijking met ‘normale’ pizza’s vreemd uit. Maar wel mooi. Het lijkt wel kunst. De bodem is knapperig dun. De pizza is beige gekleurd met ragfijne donkerbruine balsamico strepen. Her en der kruimels van walnoten. Onder de egale kaascombinatie van gorgonzola en mozarella zie ik ragdunne schijfjes peer.

”Wilt u er peper op?”, vraagt de serveerster. Ze staat met een enorme pepermolen aan onze tafel. Goed voor de show. “Graag”, zeg ik.

Dan de eerste hap. Heb ik de juiste keuze gemaakt?

“Geweldig!”, zeg ik met een stralend gezicht tegen Astrid. “Fantastisch. Zo’n goede pizza heb ik nog nooit gehad. Die smaakcombinatie vind jij ook lekker.”

Astrid neemt voorzichtig een hapje van mijn pizza Bianca. Haar gezicht spreekt meteen boekdelen. “Dit is heel anders dan ik had verwacht. Je proeft die gorgonzola heel anders door die combinatie met peer en honing.”

“Deze pizza ga ik thuis proberen te bakken”, zeg ik en maak een foto van de pizza en de menukaart. Ik besef me meteen dat ik de bodem thuis nooit zo dun en knapperig zal krijgen. Onze oven wordt niet heet genoeg.

Ik zal bij mijn favoriete Italiaanse restaurants in Nederland en Duitsland vragen om deze pizza op het menu te zetten.

De thuisbezorgrestaurants vallen af. De bodem van pizza’s die worden thuisbezorgd zijn nooit knapperig.

Ik zoek ‘s avonds in ons appartementje in het centrum van Arrecife op mijn telefoon naar een recept voor de pizza Bianca. Ik vind er vele. Zowel in het Nederlands als het Duits.

Libelle is net als ik enthousiast over de verrassende smaakcombinatie. Ik verbaas me over het recept op de Belgische website van Libelle. Voor de bodem wordt een kant en klare pizzabodem uit de supermarkt voorgesteld. Duidelijk een stukje sluikreclame voor de supermarkt. Maar waarom?

Een kant-en-klare pizzabodem is belachelijk als je weet hoe je eenvoudig en snel met meel, gist en water zelf pizzadeeg kunt maken. Een zelfgemaakte bodem smaakt veel beter en is ook nog eens veel goedkoper.

De bodem is de basis van een goede pizza. Als je daar al uit misplaatste gemakzucht concessies gaat doen haal je niet het uiterste uit de mogelijkheden die voor het grijpen liggen.

We blijven een maand op Lanzarote. “Wat ga je daar doen?”, vroeg mijn accountant. “Uitrusten, werken aan een paar opdrachten en plannen maken voor de toekomst”, antwoordde ik.

Het wordt tijd om ervaringen uit het verleden te verwerken en nieuwe bakens uit te zetten. Wat kan ik? Wat wil ik? En… minstens zo belangrijk… voorstellen uitwerken voor een paar klanten. Wat worden onze doelen in 2018?

De pizza Bianca is een mooi startpunt.

Als de basis niet goed is zul je nooit succes hebben.

Heb je goede voornemens voor 2018?

Probeer in januari de pizza Bianca te bakken. Denk tijdens het bakken na over hoe je met de ingrediënten die jouw leven je biedt je toekomstdromen kunt realiseren.

Ik wil in ieder geval weer meer schrijven. Bloggen en vloggen. Op mijn blog GertBrouwer.nl ga ik ervaringen en ideeen verzamelen en delen.

Zoals het recept voor pizza Bianca. Als ik het nu niet vastleg ben ik het over een half jaar kwijt.

Op de Oostenrijkse receptensite IchKoche.at heb ik een mooi recept gevonden. Toch gek dat ik de recepten voor deze pizza nu via Google veelvuldig tegenkom, maar deze pizza nog nooit op de menukaart van pizzeria’s heb gezien.

Recept pizza Bianca

  • 1 portie pizzadeeg (zie YouTube video)
  • 2 peren
  • 1 handvol walnoten (gepeld, geroosterd)
  • 1 theelepel peperkorrels (rood)
  • honing
  • rucola sla

Voor de gorgonzola crème:

  • 100 g Gorgonzola
  • 100 g roomkaas
  • 1 eidooier
  • 1 eetlepel melk
  • nootmuskaat
  • zout
  • peper (van de molen)
  • suiker
  • 3 saliebladeren

Bereidingswijze

Bereid het pizzadeeg volgens het basisrecept. (Zie YouTube) Rol de deegballen dun uit in het gewenste formaat en leg ze op een bakplaat met bakpapier.

Voor de gorgonzola crème de gorgonzola licht vermalen met een vork. Meng met roomkaas, eidooier en melk tot een gladde room en breng op smaak met nootmuskaat, zout, peper en wat suiker. Snijd de salie in kleine reepjes en meng ze eronder.

Verwarm de oven voor op 220 °C.

Peren wassen en dan ongeschild in stukken snijden, de kern verwijderen en in ragfijne dunne plakjes snijden (kan met een kaasschaaf).

Besmeer de pizzabodem met de gorgonzola crème en leg de plakjes peren er in waaiervorm op, bestrooi met walnoten en peperkorrels.

Sprenkel dunne lijntjes balsamico over de pizza.

Bak de pizza met peren en gorgonzola 10-15 minuten in de oven tot het deeg lichtbruin is.

Maak de pizza helemaal perfect door er vlak voor het serveren her en der een beetje honing op te druppelen en rucola sla op te leggen.

 

 

 

Wil je 5 minuten naar jouw toekomst kijken?

Wil je 5 minuten naar jouw toekomst kijken?

“Gert, mag ik 5 minuten van je tijd vragen om dit te kijken?”, vraagt Rik me via Whatsapp. Het is 19.00 uur. Hij deelt een link naar een video op YouTube.

“Dit is mijn wereld. Dit is hoe ik denk. Dit is wie ik ben. De toekomst!”, schrijft Rik.

Ik klik naar YouTube. Al na dertig seconden herken ik net als Rick mezelf in de video die is gemaakt door de Groeimarktacademie Growth Tribe uit Amsterdam. Growth Tribe wordt ondersteund door Facebook, UvA en StartupAmsterdam, lees ik op YouTube.

De flitsende video toont in 5 minuten hoe snel onze wereld verandert. En wie denkt dat het allemaal nog wel meevalt hoeft slechts 5 jaar terug te kijken om te zien dat het allemaal zo snel gaat dat je het bijna normaal begint te vinden.

Ik vind het net als Rik normaal. Ik ben gek op de veranderingen. Het is alsof je een rol speelt in Back to the Future. Die auto die daarin een hoofdrol speelt, die is al bijna achterhaald.

Rick werkt bij Holthausen. Een familiebedrijf uit Hoogezand dat afgelopen jaar voortdurend wereldwijd in het nieuws is geweest.

Heb je gehoord van de Hesla? Een Tesla die op waterstof bijna 1400 kilometer non-stop kan rijden? Drie keer zo ver als de originele Tesla met accu’s haalt.

De Hesla is in een paar weken tijd ontwikkeld door Max Holthausen. Hij is 18 jaar en weet mede dankzij zijn vader Carl nu al alles van waterstoftechniek.

Toen ik 18 was en mijn rijbewijs had gehaald kocht ik voor 750 gulden een oude besteleend die op lpg kon rijden. De verkoper herinner ik me nog goed. Mathijs Hijenga. Hij werkt toevallig tegenwoordig bij Holthausen.

Een Citroen 2CV op gas. Iedereen vond het destijds absurd. Nergens voor nodig. Een eend reed al spotgoedkoop op benzine. Maar als student was het voor mij fantastisch. Ik reed voor tien gulden (nog geen 5 Euro) vijf dagen per week van Zuidlaren naar Groningen. LPG kostte 35 cent per liter. Ongeveer 15 Eurocent.

Max Holthausen is door de VPRO uitgeroepen tot greentechpionier van Nederland. Fantastisch. Hij is door RTV Noord genomineerd voor de titel Groninger van het jaar. Terecht als je op zo’n jonge leeftijd visionair Elon Musk van Tesla bewijst dat je nog verder kunt denken en kijken dan Mars.

Max plaatst Musk voor een dilemma. Is die miljardeninvestering in een accufabriek voor de Tesla misschien nu al achterhaald? Als een jongeman van 18 jaar het bereik van jouw Tesla in een paar weken tijd weet te verdrievoudigen weet je dat dat jouw visie niet zaligmakend is.

Elon heeft nog niet gereageerd.

De familie Holthausen heeft één missie: zero emissie. Met waterstof. Zij weten dat de verkoop van gassen, waar het bedrijf mee groot geworden is, geen gegarandeerde toekomst voor de komende generaties biedt.

Terug naar de video die Rick me stuurde.

“We hebben een omslagpunt bereikt in de toekomst van banen”, meldt Growth Tribe.

“Organisatorische rollen verdwijnen en worden vervangen door digitale vaardigheden. De digitale vaardighedenkloof wordt steeds groter. In het huidige tempo overtreft de technologie de menselijke vaardigheden waardoor er een tekort ontstaat aan vaardigheden die op de arbeidsmarkt worden gevraagd en geleverd.”

“Onderwijsinstellingen hebben moeite om de ontwikkelingen die nodig zijn voor toekomstige banen bij te houden… Dat is geen excuus om te gaan zitten afwachten. Dus leidt jezelf op. En als je een werkgever bent, train je mensen. Online en offline cursussen zijn nog nooit zo gemakkelijk beschikbaar of rijk aan inhoud geweest. Neem je opleiding in eigen handen, leer codeeren, leer gedragspsychologie, automatiseringstools, spelen met data, gebruikerservaringen, nieuwsgierig zijn….”

“Het is tijd om iets te bouwen!”, zegt Growth Tribe. “Uw grootste geloof in dit nieuwe tijdperk is uw output. Het bewijs van uw awesomeness. Een website, een blog, een prototype, een eenvoudig datamodel…. het is tijd om coole spullen te bouwen en te laten zien! Het is tijd om shit gedaan te krijgen, tijd om uw groeimentaliteit te ontwikkelen. Het is tijd voor UW groei.”

Ik ben het volledig met je eens Rik. Dit is onze toekomst.

Ik ben er net als Max al jong mee begonnen. Met een lelijke eend die op gas reed. Die lelijke eend is nu een mooie Hesla die op waterstof rijdt.

Doe wat je niet kunt. Het motto van top-vlogger Casey Neistat

“Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan.”

Weet je van wie dit citaat is?

Pipi Langkous…

Ik vind het een fantastische inspirerende uitspraak. En het mooie is dat kinderen op de hele wereld door het dappere meisje Pipi Langkous zijn geïnspireerd.

Schrijfster Astrid Lindgren heeft daarmee pedagogisch iets heel moois meegegeven aan kinderen.

Er zijn diverse variaties op de uitspraak van Pipi Langkous.

Er zijn veel mensen die zich hebben laten inspireren door Pipi.

Of de populaire Amerikaanse vlogger Casey Neistat daarbij hoort betwijfel ik. Maar Neistat heeft wel een hele mooie eigentijdse variatie: Doe wat je niet kunt.

Neistat vertelt in een flitsende vlog, die miljoenen keren bekeken is, hoe hij er in is geslaagd om een succesvolle vlogger te worden. Met vallen en opstaan. Door zich niets aan te trekken van mensen die hem vertelden dat hij beter iets anders kon gaan doen. Door door te zetten.

Als je nog een goed motto voor volgend jaar zoekt… Doe wat je niet kunt. Probeer het gewoon.

 

 

 

Stop met social media. Focus is het nieuwe IQ voor moderne werkplekken

“Stop met social media!”, zegt assistent-professor Cal Newport van de Georgetown University tijdens een TED-talk die inmiddels bijna drie miljoen keer is bekeken.

Facebook, Twitter en Instagram zijn volgens Newport slecht voor de concentratie van werknemers. Slecht voor de productie.

Cal Newport is assistent-professor Informatica aan de Georgetown University. Hij bestudeert de theoretische grondslagen van ons digitale tijdperk. Daarnaast schrijft Newport over de impact van deze technologieën op de werkomgeving.

In zijn meest recente boek, Deep Work, stelt Newport dat focus het nieuwe IQ is voor moderne werkplekken en dat het vermogen om zich te concentreren zonder afleiding steeds waardevoller wordt.

Hij schreef eerder So Good They Can’ t Ignore You, een boek dat de aloude overtuiging ontkracht dat “volg je passie” een goed advies is.

 

Hoe een klein winkeltje een grote klantenkring bijeen blogt

Hoe een klein winkeltje een grote klantenkring bijeen blogt

Waarom is het belangrijk om online autoriteit te hebben? Waarom is het belangrijk voor ondernemers om te bloggen? Ook als hún klanten niet via internet kopen…

Veel ondernemers denken bij online aan een webshop of een statische website. Zo’n veredelde online folder. Bloggen? Nee, niks voor hen. Denken ze.

Copyblogger Media Essay Contest

Een misverstand. Zeker als je het fantastische verhaal leest dat de eerste prijs won bij de Copyblogger Media Essay Contest. Deelnemers aan de schrijfwedstrijd moesten in 250 woorden uitleggen waarom het essentieel is om online autoriteit te hebben.

Copyblogger is één van mijn favoriete blogs over contentmarketing. De site is een must voor iedereen die wil leren hoe je door storytelling op een weblog wereldwijd potentiële klanten kunt bereiken en inspireren.

Leerzaam verhaal over klein winkeltje

Abbey Dieteman is copywriter. Zij won de eerste prijs bij de Copyblogger Media Essay Contest met een leerzaam verhaal over de start van een quiltwinkeltje in een klein Amerikaans dorpje. Een winkeltje dat in korte tijd de wereld veroverde dankzij een blog.

Het verhaal is interessant voor iedere ondernemer die worstelt met de vraag hoe ingespeeld kan worden op de online revolutie. Het winnende verhaal heeft de titel “Klein dorpje, groot publiek”.

Het persoonlijke verhaal van Abbey Dieteman luidt als volgt:

Klein dorpje, groot publiek

Ik zat vast. Ik wist niet hoe ik verder moest komen met niets anders dan een ingewikkeld boek vol patronen en cryptische quilting wijsheid van wijlen mijn oud-tante. Ik had minder dan twee uur voor de kraamvisite en ik leek daar met lege handen te moeten verschijnen. Ik werd gered door Jenny Doan uit Hamilton in Missouri. Een dorpje met 1,809 inwoners. Haar quilt shop is meer dan 1,200 mijl verwijderd van Upstate New York, waar ik me die dag bevond met mijn laptop en stap-voor-stap geholpen werd om mijn eerste quilt af te krijgen.

 

De Missouri Star Quilt Company

In 2008 kreeg Jenny van haar kinderen een quilting machine en leerden ze haar hoe ze kon bloggen. De Missouri Star Quilt Company was geboren.

In het begin verschilde haar winkel niet echt van de quilt shops die je in iedere kleine stad kunt vinden, inclusief het knusse kleine winkeltje vijf mijl bij mij vandaan.

Nu heeft de Missouri Star Quilt Company meer dan 120.000 abonnees op de online quilting handleidingen van Jenny. Dat is iedereen in haar stad … vermenigvuldigd met 67.

Duizenden klanten per dag

Abonnees, iedere dag duizenden, die haar bedanken door haar producten te kopen via haar online shop.

Eind goed, al goed… Toch?

Voor mij. Voor Jenny. Maar niet voor Judy.

Geen computer

Judy is eigenaresse van dat leuke winkeltje in Upstate New York.

Judy is intelligent, ze heeft een prachtige collectie, en een verbazingwekkend gevoel voor quilting. Ik vroeg haar op een dag waarom ze geen nieuwsbrief online zette. Ze antwoordde dat de meeste van haar klanten geen computer hebben.

Ze heeft waarschijnlijk gelijk.

De klanten met een computer, zoals ik, rijden op weg naar huis langs haar winkel, waar ze dezelfde producten kopen van Jenny… 1.200 mijl verderop.

Jenny nu ook succesvol op YouTube

Jenny maakt behalve haar blog ook video’s voor YouTube. De Missouri Star Quilt Company groeit als kool. Jenny heeft onlangs een nieuwe vestiging geopend.

29 social media tools die professionals gebruiken

29 social media tools die professionals gebruiken

Als consument wordt je langzamerhand stapelgek van alle social mediakanalen die beschikbaar zijn. Hoe zit dat eigenlijk met de social media professionals?

Social media marketeers zijn geïnteresseerd in alle kanalen die van belang kunnen zijn voor merk, image en omzet. Als social media specialist wil je potentiële klanten volgen en beïnvloeden, trends herkennen, je website of webshop promoten of schade beperken door webcare.

Net als consumenten kunnen social media experts natuurlijk onmogelijk alle social media volgen. Dat zou veel te veel tijd kosten. Maar gelukkig kunnen zij als professional gebruik maken van diverse tools die het werk eenvoudiger maken.

Infographic Social Media

De infographic A Day In The Life Of a Social Media Marketer toont 29 veelgebruikte tools. Een interessante lijst met social media tools waar je misschien niet meteen aan denkt.

Bij social media denken de meeste mensen aan Facebook, Twitter, Google+, YouTube, LinkedIn, Instagram, Pinterest, Flickr en misschien nog Delicious. De infografic toont veel tools die niet alleen handig zijn voor beroepsmatig gebruik, maar ook voor consumenten. En ze zijn vrijwel allemaal eenvoudig in gebruik.

Hoe ziet de dag van een social media marketeer er uit?

Social Media Marketeer

Ik noem mezelf geen social media marketeer. Social media is gewoon vast onderdeel van mijn dagelijkse beroepsroutine. Ik herken het dagprogramma van de infografic. Veel van deze tools gebruik ik dagelijks. Al jarenlang. Ze zijn fantastisch.

Ik begin ‘s ochtends om 6 uur met het scannen van nieuws en vakinformatie via mijn iPhone en iPad. Daarvoor gebruik ik de apps Feedly, Flipboard, Hootsuite, Buffer, Pocket, Evernote en Buffer. De tools kunnen overigens ook via je Android tablet, Android smartphone, computer of laptop gebruikt worden. Ze werken allemaal in de cloud.

Flipboard en Feedly

Flipboard en Feedly zijn fantastische apps die je zo kunt programmeren dat ze automatisch onderwerpen, trefwoorden, zoekopdrachten in Google en YouTube, online magazines, kranten en blogs scannen en de artikelen in een mooie layout aan jou presenteren. Jij hoeft dus maar een keer te zoeken, daarna doen deze apps het werk voor jou en hoef je alleen nog te lezen.

Pocket, Delicious en Evernote

Ik lees interessante artikelen en sla belangrijk materiaal waar ik later nog iets mee wil doen op in Pocket, Flipboard Magazines, Delicious of Evernote. Daarnaast selecteer en bewerk ik headlines voor diverse accounts op Twitter, Facebook, Google+, LinkedIn en Pinterest.

Buffer en Hootsuite

Die headlines worden via Buffer en Hootsuite automatisch gedoseerd ingepland, zodat niet alles wat ik ‘s ochtends selecteer ook meteen getoond wordt. Dat zouden mijn volgers beslist niet op prijs stellen. Ze zouden worden overstelpt met een bulk aan berichten tussen zes en acht uur ‘s ochtends. Dankzij de tools lijkt het alsof ik de hele dag alleen maar met social media bezig ben. Dat is dus niet zo. Gewoon een kwestie van slim werken met diverse gratis of betaalbare tools.

Google Analytics

Google Analytics, Bit.ly, Buffer en Hootsuite helpen me te controleren of mijn werkwijze ook effectief is. Dankzij deze tools kan ik zien hoeveel mensen ik bereik, wat de impact is en waar winst en verbeter kansen liggen.

Ben jij geïnteresseerd in mijn social media strategie? Wil jij ook leren hoe je slim efficiënt en effectief gebruik kunt maken van social media tools? Ik kan jou en/of jouw bedrijf of organisatie trainen. Bel of mail voor informatie.

Het Buckler moment van telemarketeers. Cabaretier Javier Guzman is dodelijk. En terecht

Het Buckler moment van telemarketeers. Cabaretier Javier Guzman is dodelijk. En terecht

“Weet je wie er sowieso dood kunnen? Telemarketeers…”

Cabaretier Javier Guzman sprak in zijn voorstelling uit wat veel mensen denken als ze weer eens op een hoogst ongelegen moment gebeld worden door een telefonische verkoper. Een telemarketeer.

De telefonische colportage is bijzonder onpopulair bij het publiek.

Gemakkelijk scoren dus voor Javier. Zoals Youp van ’t Hek deed toen Heineken een poging deed om alcoholvrij bier op de markt te brengen onder de naam Buckler. Alcoholvrij bier? Als je dat dronk was je volgens Van ’t Hek een Bucklerlul. En hij zei dat in zijn oude-jaarsconferance.

Buckler was na die conference onverkoopbaar in Nederland. Niemand wilde Bucklerlul zijn. Heineken haalde het merk van de Nederlandse markt. Maar in de rest van Europa bleef Heineken Buckler gewoon verkopen. En met succes. Het merk staat in Frankrijk en Spanje nog steeds in de schappen van de supermarkt.

In Nederland durfde Heineken pas dit jaar weer met alcoholvrij bier te komen. Heineken 0,0 procent.

Terug naar het Bucklermoment van Javier Guzman. De telemarketeers. De telecolporteurs.

Boekenclub ECI

Over colportage gesproken… Ik was ooit colporteur. Lang geleden. in de koude winter van 1986 liep ik voor de boekenclub ECI langs de deuren in Groningen en Drenthe.

ECI verkocht koopverplichtingen. Tenminste daar kwam het op neer als je aan de deur lid werd van de boekenclub.

In twee maanden tijd leerde ik hoe je met psychologische trucs mensen producten kunt aansmeren die we helemaal niet willen. En dat werkt met gesloten vragen.

Kortingskaart

Als verkoper stel je vragen met meerkeuze antwoorden. Je laat de potentiële klant antwoorden geven waardoor ze na een paar minuten niet meer nee kunnen zeggen tegen jouw product.

Bij ECI ging het dan om de kortingskaart waarmee je dertig tot veertig procent korting kreeg bij de aankoop van boeken en platen uit de catalogus van ECI.

“En u wilt natuurlijk ook graag korting. Wie wil dat nu niet?”

Geen mens zegt dan dat hij geen korting wil. De val is geopend. De eerste ja is binnen.

Het ja-ritme

Het gaat bij colportage – zowel telefonisch, aan de deur of via internet – er om de potentiele klant in een ja-ritme te krijgen.

Twee keer nee is dodelijk. Dan kun je als verkoper je gesprek wel stoppen. Een negatieve klant betekent tijdverspilling.

Iedereen wil korting. Kom maar op met die kortingskaart, zou een klant dan kunnen zeggen. Maar daar was het ECI natuurlijk niet om te doen. De kortingskaart was niet meer dan een trigger om mensen een handtekening voor een koopverplichting te laten zetten.

Dus ging het gesprek als volgt verder.

Niet iedereen krijgt korting

“We kunnen onze kortingskaart natuurlijk niet aan iedereen geven. Dat doen we alleen aan mensen die er ook echt iets aan hebben”, vertelde ik de potentiële klant dan al ja-knikkend. “Daarom stel ik u een paar vragen om vast te kunnen stellen of u ook iets aan onze kortingskaart heeft.”

Overigens… die korting was pure flauwekul. Je kreeg korting op de prijzen van ECI. Uiteindelijk betaalde je vaak meer dan in de reguliere boekhandel.

Hoeveel boeken koopt u?

“Hoeveel boeken koopt u per jaar?” Nu was het van belang om de klant niet in de gelegenheid te stellen om te zeggen dat hij nooit boeken koopt. Je moest snel doorpraten. “Koopt u net als andere mensen in de straat vier tot zes boeken per jaar. Of zoals sommige mensen zelfs meer dan acht. En dan moet u niet alleen aan boeken denken die u voor u zelf koopt, maar ook boeken die u als kado koopt voor anderen.”

Ik weet zeker dat de meeste mensen vrijwel nooit een boek kochten. En toch zei bijna iedereen dat ze net als anderen wel vier boeken per jaar kopen. En opscheppers zeiden natuurlijk dat ze nog meer boeken kopen.

De voorloper van Spotify

Vervolgens vroeg ik op dezelfde manier hoeveel platen mensen kopen. Platen… Even voor de jongere lezers… Dat waren grote zwarte kunststof schijven met muziek. De voorloper van de dankzij Spotify ook al weer bijna verdwenen cd.

En ook hier probeerde ik de mensen dan te laten zeggen dat ze jaarlijks meer dan vier platen kochten.

Daarna volgde de moraal van het verhaal.

“Ik hoor het al. U kunt onze kortingskaart goed gebruiken. Wij geven die kaart alleen aan mensen die minimaal vier keer per jaar een boek of een plaat kopen. Dat lukt u gemakkelijk.”

Vervolgens gaf je de mensen de kortingskaart in handen en vroeg je of je even naar binnen mocht komen om adresgegevens te noteren zodat de mensen ieder kwartaal een catalogus van ECI konden krijgen.

Ieder kwartaal…

Het kroonboek

Het was de bedoeling dat de mensen ieder kwartaal een boek of een plaat bij ECI zouden kopen.

En als ze dat niet zouden doen? Dan stuurde ECI een kroonboek. Een door de boekenclub geselecteerd boek waar eigenlijk niemand op zat te wachten. Dat kroonboek moest je verplicht afnemen als je niets anders uit de catalogus kocht. Een koopverplichting dus.

Als colporteur van ECI moest je iedere dag minimaal drie klanten strikken om je minimumloon aan te kunnen vullen met een bonus.

Truc met de handtekening

Het was de kunst om mensen een handtekening onder een tweejarig contract te laten zetten. Klanten tekenden er dus voor om twee jaar verplicht boeken en platen af te nemen van ECI.

Waarom doet een mens dat? De verkooppsychologie is dan heel simpel. Veel mensen willen niet onder doen voor de buren. Als die vier boeken kopen, dan zij ook. Veel mensen zijn gek op korting. Dus, kom maar op met die kortingskaart. Bijna niemand die nadacht over de koopverplichting die ze aangingen.

En sommige mensen die bijna nooit boeken kochten namen toch zo’n kaart omdat ze het goed vonden een stok achter de deur te hebben om af en toe een boek te kopen. Ongelofelijk toch?

Er was altijd een moment waarop de deal nog kon afknappen. De handtekening. Hoe laat je mensen een handtekening zetten voor een koopverplichting?

Psychologisch voetenvegen

Om binnen te komen bij de mensen vroeg je altijd heel beleefd of je even gebruik mocht maken van een hoekje van de tafel om een formulier in te vullen zodat de catalogus ieder kwartaal kon worden toegestuurd. Terwijl je dat deed maakte je een vegende beweging met je voeten op de stoep voor de deur.

Die vegende beweging is een psychologische truc. Instinctief doen mensen dan een stapje opzij in hun eigen deuropening. Heel brutaal stap je dan als colporteur naar binnen. Voor de mensen het beseffen zit je in hun huis aan hun tafel en heb jij de regie.

Je vult het formulier in. “U naam.” “Uw adres.”

En tenslotte neem je het formulier nog een keer met de mensen door. Je vertelt verkapt over de koopverplichting door te zeggen dat het niet erg is als mensen eens niet kopen, omdat je dan een fantastisch kroonboek krijgt toegestuurd. Een boek dat ook bijzonder geschikt is om weg te geven als geschenk…

Naam rechtsonder invullen

“Heb ik alles goed ingevuld?” De mensen lezen het formulier door. Knikken ja. “Wilt u dan zelf nog even uw naam rechtsonder invullen?” En je wees met de pen naar het vakje waar een handtekening geplaatst moest worden.

Je sprak doelbewust met geen woord over een handtekening. Het woord handtekening is dodelijk bij een verkoopgesprek. Iedereen weet dat je dan ergens voor tekent. Iedereen gaat dan nadenken.

Het gekke is dat niemand echter nadenkt als je vraagt om je naam in te vullen in een handtekeningvakje. Het gekke is dat iedereen dan zonder na te denken een handtekening zet.

Missie voltooid.

Ik heb het werk twee maanden volgehouden.

Verkoopstrategie

Met dezelfde verkoopstrategie zou een bakker kortingskaarten voor brood kunnen slijten.

Iedereen koopt brood. Iedereen wil korting. De bakker laat je een handtekening zetten voor een contract waarmee je je verplicht om twee jaar lang wekelijks brood of gebak bij hem te kopen. En als je het vergeet, dan bezorgt hij je een paar kroonbroden. De selectie van de week.

Telemarketeers doen hetzelfde wat ik vroeger als colporteur deed.

En online gebeurt hetzelfde met e-mailmarketing. En reclame via social media.

De verkooptrucs zijn eeuwenoud.

De psychologie werkt nog altijd.

Wetgeving

Gelukkig wordt er tegenwoordig hard gewerkt aan wetgeving. De cookiewet maakt het online-marketeers steeds moeilijker. In mei volgend jaar volgt de nieuwe Europese privacyverordening die het  bedrijven ook steeds moeilijker maakt om psychologische trucs uit te halen op basis van data die ongevraagd verzameld is om klanten in hetzelfde ja-ritme te brengen als ik voor ECI deed.

Telemarketeers krijgen het ook steeds moeilijker. Gelukkig. Ik vind net als Javier Guzman dat er een eind moet komen aan telemarketingpraktijken. Ik weet door mijn ervaring hoe ik nee moet zeggen. Ik weet hoe het spel gespeeld wordt. Heel veel mensen weten dat niet.

Consumenten die door telemarkteteers worden gebeld om een product te verkopen of een dienst aan te bieden zijn niet voorbereid op een verkoopgesprek. Net als de mensen die ik in 1987 aan de deur wist te overhalen.

Handige telemarketeers weten met psychologische trucs consumenten zo te bewerken dat ze iets kopen wat ze eigenlijk helemaal niet willen.

Bel-me-niet-register

Wie niet gebeld wil worden door telemarketeers kan zich tegenwoordig laten registreren in het bel-me-niet-register.

Wie die ongewenste telefonische verkoop zat is kan er zelf voor zorgen dat telemarketeers niet meer mogen bellen. Je kunt je telefoonnummer laten invoeren bij het bel-me-niet-register.

Mensen die staan ingeschreven in het Bel-me-niet Register mogen niet gebeld worden. Ook niet voor politieke partijen of goede doelen.

Telemarketeers mogen dan nog wel consumenten bellen die klant van een bedrijf zijn of zijn geweest. De telemarketeer moet dan wel vragen of ze mogen blijven bellen. Als je dan ‘nee’ zegt mag er niet meer gebeld worden.

Bel-me-wel-register

Maar eigenlijk is dat bel-me-niet register iets raars. Waarom geldt voor telemarketeers eigenlijk niet dezelfde regelgeving die bij voor e-mailmarketing wordt toegepast? Opt-in. Je mag pas gebeld worden door bedrijven als je dat zelf hebt aangegeven. Er zou dus eigenlijk een bel-me-wel-register moeten komen.

ECI bestaat nog altijd. De boekenclub geeft tegenwoordig 20 procent korting als je lid wordt en via de webshop vier keer per jaar een boek koopt. Er zit geen koopverplichting meer aan vast. Je krijgt de korting alleen als je vier keer iets koopt. Dat vind ik een sympathieke koerswijziging, die ECI overigens waarschijnlijk minder omzet oplevert als de oude koopverplichting deed.

De boekenclub werkt online overigens nog wel met een strategie om potentiele klanten in een ja-ritme te brengen. Dat gebeurt met cookies. ECI verzamelt gegevens op basis waarvan potentiele klanten verleid kunnen worden over te gaan tot een aankoop waar ze bewust nog niet aan gedacht hadden.

En nu even lachen met Javier